Warmtecapaciteit.

Warmtecapaciteit is grofweg de snelheid waarmee een materiaal warm wordt. Hoe hoger de warmtecapaciteit, hoe meer warmte je moet toevoeren om het materiaal 1 graad warmer te maken. IJzer heeft een hoge warmtecapaciteit, net als steen, en hout een lage warmtecapaciteit. Daarom voelt hout warm aan, en steen koud. Maar dat heeft ook gevolgen voor het binnenklimaat van een woning. zo zal het in een met hout beklede kamer sneller warm aanvoelen, en dus kunnen volstaan met een lagere stooktemperatuur.

In een met hout beklede kamer kan het een uur duren om de temperatuur met 5 graden te verhogen, voor een kamer met stenen muren en vloer kan dat wel 5 uur kosten. Als je dat weet, kun je begrijpen dat in koude streken als Scandinavië veel met (warm) hout wordt gebouwd, en dat rondom de Middellandse zee het gebruik van steen en tegels binnen een goede strategie is.

Bij ons kun je deze kennis gebruiken, bijvoorbeeld bij het inrichten van een badkamer of slaapkamer. Gebruik van hout als wandbekleding  zal daar sneller een warme atmosfeer maken dan marmer, steen en dergelijke. En omdat je daar meestal schaars gekleed bent , kan dat een hoop schelen. Nadenken over de materiaalkeuze van je huis kan dus leiden tot een lagere stooktemperatuur, en dus: besparingen.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *